13 September 2016 / by Mark Lindeman

Van prijzenjacht naar koopkracht

Afgelopen zomer tekenden 55 Nederlandse bedrijven en organisaties het convenant ‘Duurzame Kleding & Textiel’. Daarmee willen ze bijdragen aan betere werkomstandigheden van textielarbeiders in landen als Bangladesh en Cambodja en aan een schonere productie. Een steun in de rug voor textielinkopers die duurzaam willen inkopen, zou je denken. Of een wassen neus?

De vraag is natuurlijk wie de prijs betaalt van deze verduurzaming. In het geval van textiel wordt het leeuwendeel van de winst aan het einde van de keten gemaakt: bij de verkoper van het eindproduct in welvarende landen. De concurrentie is daar echter dermate moordend, dat die probeert de kleding zo goedkoop mogelijk in te kopen in lagelonenlanden. Wil je de omstandigheden daar verbeteren, dan gaat dat direct ten koste van de winst en waarschijnlijk ook van de concurrentiepositie.

Niet voor de laagste prijs inkopen

Die winstdruk aan het einde van de keten lijkt de drijfveer om mensen aan de andere kant van de wereld onder belabberde omstandigheden te laten werken. Willen we dat écht veranderen, dan moeten we bereid zijn daarvoor te betalen. En inkopers opdracht geven om niet voor de laagste, maar voor een acceptabele prijs in te kopen. Met het geld dat overblijft kan geïnvesteerd worden in fatsoenlijke werkomstandigheden, scholing en milieumaatregelen.

Andere scenario’s

Zal dat met dit convenant gaan gebeuren? Het lijkt onwaarschijnlijk. Want wie durft zijn marge in te leveren voor het welzijn van volkeren ver van huis, terwijl dat ten koste gaat van de continuïteit van je eigen bedrijf? Maar waar moet de oplossing dan vandaan komen? Ervaring leert dat de lonen in goedkope productielanden op termijn zullen stijgen. We zien dat al in China, Vietnam en Oost-Europa. Dichter bij huis produceren zal daardoor uiteindelijk weer aantrekkelijk worden. Het probleem lost zichzelf dan (deels) op. Een andere mogelijkheid is dat robots het overnemen van mensen.

Ondernemersgeest

Als textielinkoper kun je zulke ontwikkelingen een zet geven. Tenminste, als je meedenkt met de organisatiedoelen en nadenkt over de impact van je werk op de samenleving. Als je kansen ziet in de markt én in de maatschappij. En als je die proactief, creatief en met ondernemersgeest kunt vertalen naar een goed plan. Daarmee kom je als inkoper in een heel ander gesprek met de beslissers in je organisatie. En krijgt inkoop een extra dimensie. Dan gaat het niet langer alleen om de prijs maar ontstaat ruimte voor een langetermijnvisie. Een transformatie van ‘prijzenjacht’ naar koopkracht.

Van prijzenjacht naar koopkracht